Met het verschijnen van het rapport “PPMO – De bedoeling voorbij” is een belangrijke stap gezet in een dossier dat de brandweer al bijna twintig jaar bezighoudt. Het rapport legt scherp bloot waar het Periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PPMO) voor brandweermensen tekortschiet. Tegelijkertijd is de conclusie voor de Vakvereniging Brandweer Vrijwilligers (VBV) niet nieuw. Veel van wat nu wordt vastgesteld, is door de VBV sinds de ontwikkeling van het PPMO in 2006, de invoering in 2011 en de jaren daarna al herhaaldelijk naar voren gebracht. Wat destijds werd gezien als kritiek uit het veld of ‘koudwatervrees’, blijkt nu breed onderbouwde realiteit.
Kwaliteit en validiteit van het PPMO ondermaats
Het PPMO sluit onvoldoende aan op het daadwerkelijke brandweerwerk. De VBV stelde dit al in 2017 scherp: “De kans dat al deze activiteiten in de realiteit door 1 persoon binnen 25 minuten moeten worden uitgevoerd is echter gelijk aan nul.” De test meet daarmee geen realistische taakuitvoering, maar een geconstrueerde norm. Een gemiste kans, want de VBV is altijd een sterk pleitbezorger geweest van een ondersteunend instrument dat medewerkers en werkgevers instaat stelt hun gezamenlijke verantwoordelijkheid te pakken voor het bevorderen van een gezonde en inclusieve werkomgeving.
Dit leidt tot een fundamenteel probleem: brandweermensen kunnen zakken voor een test die niet representatief is voor hun werk, terwijl zij in de praktijk uitstekend functioneren. In latere VBV‑publicaties is dit punt herhaaldelijk bevestigd. De rode draad: het PPMO toetst een theoretisch model dat onvoldoende is afgestemd op de dagelijkse realiteit van het brandweeroptreden.
Het nieuwe rapport bevestigt dit beeld. De oorspronkelijke bedoeling van het PPMO en de huidige uitvoering zijn uit elkaar gegroeid, en de relatie tussen testonderdelen en daadwerkelijke operationele taken blijkt onvoldoende onderbouwd. Het huidige rapport bevestigd de conclusies uit 2011: het PPMO is in zeer beperkte mate representatief en valide en ongeschikt als meetinstrument.
Gelijke normen, ongelijke gevolgen
Een ander structureel probleem is de manier waarop het PPMO omgaat met verschillen tussen mensen. In het VBV-rapport uit 2017 wordt dat concreet gemaakt: “Er wordt bij de beoordeling geen rekening gehouden met geslacht, lengte en leeftijd.”
Dat leidt in de praktijk tot ongelijke uitkomsten. Zo is al jaren zichtbaar dat vrouwen en kleinere brandweermensen relatief vaker moeite hebben met onderdelen van de test. Lange mensen hebben moeite met de ‘tunnel’. Dit werd ook landelijk zichtbaar uit onderzoek en in berichtgeving waarin werd aangegeven dat de conditietest voor veel vrouwen te zwaar is en dat vrijwilligers afhaken.
De VBV heeft dit vanaf het begin als een fundamenteel probleem benoemd. Niet omdat de lat omlaag moet, maar omdat de toets moet aansluiten op wat functioneel noodzakelijk is voor het werk. Te meer omdat de brandweer van de toekomst alleen kan functioneren als deze representatief is voor de diversiteit in onze maatschappij.
Veiligheid: een ongemakkelijke realiteit
Misschien wel het meest zorgwekkende punt is dat het PPMO zelf risico’s met zich meebrengt. De VBV heeft door de jaren heen honderden meldingen ontvangen van klachten, blessures en (bijna)ongevallen tijdens de test. Er zijn voorbeelden van valpartijen, ernstige blessures en zelfs hartproblemen tijdens of direct na de test. Ook in vele VBV-artikelen hebben we hier uitgebreid aandacht voor gevraagd. Een keuring die bedoeld is om veiligheid te borgen, maar zelf risico’s introduceert, roept fundamentele vragen op over de opzet en uitvoering van het systeem.
Vrijwilligheid onder druk
De impact van het PPMO reikt verder dan individuele gevallen. Nederland kent een brandweerorganisatie die in belangrijke mate steunt op vrijwilligers. Juist binnen deze groep heeft het PPMO grote gevolgen. In het VBV-rapport uit 2017 wordt al beschreven dat posten onder druk kunnen komen te staan wanneer ervaren vrijwilligers uitvallen of afhaken. Die signalen zijn sindsdien niet verdwenen.
In verschillende publicaties en mediaberichten komt naar voren dat het PPMO voor een deel van de vrijwilligers een reden is om te stoppen of deelname te vermijden. Daarmee raakt het PPMO aan de kern van de brandweerzorg: de beschikbaarheid van voldoende gemotiveerde mensen.
Wat het nieuwe rapport bevestigt
Het rapport “De bedoeling voorbij” brengt deze verschillende lijnen samen en maakt duidelijk dat de oorspronkelijke bedoeling van het PPMO en de huidige uitvoering uit elkaar zijn gegroeid. Tegelijkertijd laat het zien dat de relatie tussen de test en de dagelijkse brandweerpraktijk onvoldoende is uitgewerkt. Ook worden er serieuze vragen gesteld over de veiligheid van onderdelen van de keuring en de medische onderbouwing daarvan. Daarnaast blijkt dat de uitvoering van het PPMO niet overal op dezelfde manier plaatsvindt.
Daarmee wordt duidelijk dat het hier niet gaat om op zichzelf staande incidenten of uitzonderingen, maar om structurele problemen die om een fundamentele oplossing vragen.
De VBV heeft zich altijd uitgesproken vóór een goed instrument om inzetbaarheid en gezondheid te monitoren; de kritiek richt zich dan ook niet op het principe van een periodieke keuring, maar op de manier waarop het PPMO is vormgegeven en uitgevoerd. Een toekomstbestendige toets vraagt om een fundamentele herziening, te beginnen bij het opnieuw bepalen wat het werk daadwerkelijk vraagt en hoe die eisen vervolgens veilig, eerlijk en realistisch kunnen worden getoetst. Daarvoor heeft de VBV de volgende uitgangspunten:
Het nieuwe rapport bevestigt en erkent de signalen die de VBV sinds 2006 consequent heeft afgegeven: de vraag is niet langer óf er iets moet veranderen, maar hoe. Het is tijd dat de keuringen bij de brandweer aan gaan sluiten met de moderne realiteit, gebruik makend van innovatieve oplossingen die gedetailleerd inzicht verschaffen in mentale en fysieke gezondheid, waarbij de belasting voor repressief personeel zo laag mogelijk is. Het gaat om een verschuiving van meten en afkeuren, naar handelen en groeien, waarbij de verantwoordelijkheid door zowel medewerker als organisatie gevoelt wordt.
De bedoeling van het PPMO was goed; de uitvoering moet dat nu ook weer worden. Daarom agendeert de VBV de herziening van het PPMO op zeer korte termijn in het Landelijk Overleg Arbeidsvoorwaarden Veiligheidsregio’s (LOAV).
